'Dit is een erkenning voor de beweging Dolle Mina'
In dit artikel:
Michelle Klijn, opgegroeid in Harlingen en actief in Leiden, is een gedreven feminist en prominent lid van de heropgerichte actiegroep Dolle Mina. Ze ziet haar recente nominatie vooral als een eerbetoon aan de hele beweging, niet als persoonlijke erkenning. Haar engagement wortelt in een jeugd waarin zelfstandigheid werd aangespoord en in een studie naar sociale bewegingen die haar leerde hoe groepen verandering bewerkstelligen.
Klijn zet zich voornamelijk in tegen geweld tegen vrouwen, een onderwerp dat volgens haar opnieuw urgent is geworden na de moord op Lisa en de landelijke acties die daarop volgden. Ze wijst op een normaliserende cultuur rond grensoverschrijdend gedrag — van opmerkingen en nafluiten tot het wegwuiven van respectloosheid in media — die stap voor stap een ‘geweldspiramide’ opbouwt. “Een op drie vrouwen maakt seksueel geweld mee,” benadrukt ze, en daarmee onderstreept ze dat velen zich onveilig voelen op straat. Mannen noemt ze zowel deel van het probleem als deel van de oplossing.
Sinds de herstart verspreidde Dolle Mina zich snel; landelijk doen meer dan 6.000 vrouwen mee en in Leiden zijn dat zo’n 120 activisten. Klijn leidt onder andere de groep ‘Dolle mina voor iedereen’, die intersectionaliteit centraal stelt: ongelijkheden op basis van gender, ras, seksuele oriëntatie en beperking zijn volgens haar verbonden en vragen om solidariteit.
Hoewel er vooruitgang is — bijvoorbeeld in kinderopvang — waarschuwt Klijn dat rechten onder druk staan: abortus blijft strafbaar in het Wetboek, de loonkloof bestaat nog, en marginale groepen ondervinden vaak meer ongelijkheid. Met de opkomst van conservatieve stromingen en polariserende publieke figuren wil ze terugval voorkomen en voortbouwen op het werk van eerdere generaties.